Begrotingsaanpassing 2020 - Geraamde ontvangsten - Toegelicht

De ontvangsten van de Vlaamse Gemeenschap bedragen 44,80 miljard euro bij begrotingsaanpassing (BA) 2020, dit is 910,0 miljoen euro minder dan bij de begrotingsopmaak (BO) 2020. Deze daling wordt in belangrijke mate veroorzaakt door het naar beneden herzien van de gewestbelastingen. Deze herziening wordt vooral verklaard door de gevolgen van de coronacrisis. Een tweede belangrijke oorzaak ligt in de raming van het verkoopsrecht. Deze ligt bij BA 744,0 miljoen euro lager dan bij de raming van de BO 2020, wat een verschil van 30,9% inhoudt. Deze raming is enerzijds het gevolg van het lager aantal transacties omwille van de afschaffing van de woonbonus en de effecten van de coronacrisis. 

De grootste ontvangstenposten van de Vlaamse Gemeenschap zijn bij de aanpassing van begroting 2020 de gewestelijke belastingen (13%) en de middelen die resulteren uit de Bijzondere Financieringswet (BFW), met name de gewest- en gemeenschapsmiddelen (59%) en de gewestelijke opcentiemen (17%).

Vlaanderen ontvangt in 2020 op basis van de Bijzondere Financieringswet 23,60 miljard euro aan gemeenschapsmiddelen, dit is een toename van 45,0 miljoen euro t.o.v. BO 2020. Deze middelen bestaan uit toelagen die gefinancierd worden door de federale overheid. Ze worden berekend aan de hand van enkele parameters waaronder bevolkingsvooruitzichten, de inflatie en de economische groei.

Het Vlaamse Gewest ontvangt 5,70 miljard in 2020 uit gewestbelastingen die zij autonoom int, dit is 1,03 miljard euro minder dan bij de BO 2020. De registratiebelastingen (o.a. verkoop– en verdeelrecht), de erfbelasting en de verkeersbelasting behelzen de belangrijkste massa van deze middelenpost. Andere gewestbelastingen zijn o.a. de kilometerheffing die sinds 2016 geïnd wordt, de schenkbelasting en de belasting op de inverkeerstelling. Naar aanleiding van de coronacrisis werden de ramingen bijgesteld. Hierdoor ligt de raming voor de belasting op inverkeerstelling 67,6 miljoen euro (21,9%) lager dan bij BO 2020. De raming van de belasting op spelen en weddenschappen ligt 11,6 miljoen euro (23%) lager en de raming van de belasting op automatische ontspanningstoestellen ligt 6,0 miljoen euro (26,6%) lager dan bij BO 2020.

De bruto aanvullende belasting op de personenbelasting (gewestelijke opcentiemen) wordt geraamd op 7,80 miljard euro, dat is een daling van 48,0 miljoen euro. Voorts wordt er 2,50 miljard euro ontvangen aan nieuwe gewestdotaties van de federale overheid voor bevoegdheden die in 2015 werden overgedragen naar het Vlaamse Gewest, zoals o.a. arbeidsmarktbeleid, dierenwelzijn en grootstedenbeleid. Dit is een toename van 2,0 miljoen euro t.o.v. de BO 2020.

De overige ontvangsten omvatten de niet-fiscale algemene en toegewezen ontvangsten en de specifieke dotaties. Niet-fiscale ontvangsten zijn middelen die de Vlaamse Gemeenschap ontvangt vanuit andere bronnen dan belastingen of dotaties, bijvoorbeeld uit het klimaat- of verkeersveiligheidsfonds. De Vlaamse Gemeenschap krijgt ook een deel van de winst van de Nationale Loterij toegewezen van de federale overheid.

De ontvangsten van de Vlaamse rechtspersonen die behoren tot de perimeter van de Vlaamse overheid moeten worden meegerekend in de begroting van de Vlaamse Gemeenschap. Het gaat bij de BA 2020 om 4,10 miljard euro. De Vlaamse universiteiten en hogescholen, geconsolideerd sinds 2017, ontvangen 1,10 miljard euro. Andere rechtspersonen met aanzienlijke bedragen aan eigen ontvangsten zijn Opgroeien Regie, het Vlaams EnergieBedrijf, De Lijn, de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen, de Vlaamse Sociale Bescherming en de VRT.