Directe schuld

De directe schuld verwijst naar de schuld die de Vlaamse Gemeenschap is aangegaan om aan haar netto financieringsbehoefte te kunnen voldoen. Immers, wanneer de financieringsbehoefte negatief is, moet de Vlaamse Gemeenschap lenen om aan haar financieringsverplichtingen te voldoen.

Directe schuld ontstaat ook wanneer de Vlaamse Gemeenschap schulden overneemt van een derde partij en die schulden uitdrukkelijk erkent als eigen schuld in een decreet.

Ten slotte kan er ook directe schuld ontstaan omdat de Vlaamse Gemeenschap leent ten voordele van de geconsolideerde overheidsentiteiten. Deze vorm van directe schuld zal in de toekomst alleen maar toenemen als gevolg van de ESR regelgeving van 2010. Voor meer informatie over de invloed van de ESR regelgeving van 2010 op de directe schuld klik hier.

Eind 2020 bedroeg de directe schuld 13.935,02 miljoen euro, een stijging met 7,133 miljard euro – of 104,86% in relatieve termen – ten opzichte van de uitstaande directe schuld eind 2019 (6.802,26 miljoen euro). De verklaring hiervoor ligt uiteraard grotendeels in het aanzienlijke begrotingstekort ten gevolge van de coronacrisis.

.

//