Studie: een verlaging van de Vlaamse personenbelasting

Om tegemoet te komen aan de vraag naar lagere lasten op arbeid heeft de KU Leuven in opdracht van het Departement Financiën en Begroting drie mogelijke hervormingen in de gewestelijke personenbelasting verkend:

  • een uniforme verlaging van de opcentiemen
  • progressieve verlaging van de opcentiemen
  • het invoeren van een jobbonus.

Deze drie mogelijke hervormingen werden benaderd vanuit een kostenplaatje van 1 en 2 miljard euro.

De studie kijkt zowel naar de effecten bij ongewijzigd gedrag als naar effecten bij gedragswijzingen op de arbeidsmarkt.

De effecten bij ongewijzigd gedrag komen zowel bij de uniforme als bij de progressieve verlaging van de opcentiemen vooral ten goede van de hogere inkomensklassen. Het scenario van de jobbonus heeft  voornamelijk gunstige effecten in het midden van de inkomensverdeling.

Wat de mogelijke gevolgen op de arbeidsmarkt betreft, zorgt een uniforme verlaging van de opcentiemen voor een hoger aantal gewerkte uren. De reactie gebeurt voornamelijk bij de hogere uurlonen waar de impact op het beschikbaar inkomen het grootst is. Bij de progressieve verlaging van de opcentiemen is de gesimuleerde arbeidsaanbodreactie minder groot dan bij de uniforme verlaging van de opcentiemen. Bij de jobbonus zijn er twee verschillende effecten.  De studie wijst enerzijds uit dat vrouwen met lagere lonen vaker aan het werk zullen gaan. Anderzijds zullen personen met hogere lonen vaker minder uren werken opdat ze recht zouden hebben op de jobbonus. In het scenario van de jobbonus zal, met hetzelfde budget, de participatiegraad meer toenemen dan in de andere scenario’s. Wel zal er gemiddeld wel een minder aantal uren gewerkt worden door de toetreders op de arbeidsmarkt dan het geval is bij de andere scenario’s.

Door bij de berekening van de jobbonus het aantal gewerkte uren, de zogenaamde werkintensiteit, mee te nemen, zullen minder werkenden hun aantal gewerkte uren verlagen opdat ze recht zouden hebben op de jobbonus.  Door het in rekening brengen van de werkintensiteit bij de jobbonus zullen er ook wel minder personen de arbeidsmarkt betreden.

De belangrijkste conclusie uit deze verkennende studie is dat de effecten van een jobbonus op de arbeidsmarkt gemengd zijn. Het design ( wel of niet rekening houden met werkintensiteit) en een voldoende budgettaire omvang zullen noodzakelijk zijn om effect te hebben op de participatiegraad. Een hogere participatiegraad alleen met een wortelbenadering willen bereiken, is ook een utopie of zal een slag in het water zijn.

//